Anti of ali

 

 

“Hoe was je vakantie?”

“Vakantie is een groot woord. Maar ons weekje Oerol op Terschelling was prachtig!”

“En nu weer aan het werk, zeker?”       

“Tja.”

“O, dat klinkt niet erg enthousiast.”

“Ach, ik moet er weer helemaal inkomen. Ik werk aan wat een boek moet worden. Als ik er eenmaal inzit, loopt het wel. Maar zodra ik er een tijdje niet aan werk, al is het maar een paar dagen, moet ik weer helemaal opstarten. Het is alsof ik dan terugkeer in een donker hol waar op onmogelijke plaatsen een paar kaarsstompjes staan. Die moet ik eerst blind zien te vinden en aansteken, voordat ik het grote licht weer aan kan doen.”

“Juist. Maar hoeveel heb je dan kunnen schrijven na Oerol?”

“Dat wil je niet weten.”

“Ja, toch wel.”

“…”

“Hoeveel?”

“Netto twee A-4tjes in tweeënhalve week tijd.”

“Dat is inderdaad aan de magere kant.”

“Het is verschrikkelijk! De deadline schuift niet mee met mijn gelanterfant, mijn luiheid en gebrek aan discipline. Die blijft onverbiddelijk staan en komt steeds dichterbij.”

“Zijn het goede A-4tjes? Ik bedoel, is de tekst bruikbaar?”

“Onmisbaar. Ook heb ik de eerste dertig pagina’s nog bijgeschaafd, zodat de basis wat steviger staat nu. Maar dan nog…”

“Een schrijver die ik ooit kende, zei dat hij het meest productief was op momenten dat hij in de rij stond bij het postkantoor of de supermarkt, en als hij een grote boodschap deed op het toilet. Voor hem waren dat essentiële minuten waarin het creatieve proces ongevraagd maar op het hoogst denkbare niveau opereerde. Als hij dan eenmaal weer achter zijn schrijftafel zat, hoefde hij alleen nog maar ‘de boel’, zoals hij dat noemde, aan het papier toe te vertrouwen.”

“Okay, maar dan nog…”

“Hij deed, net als jij, geen enkele concessie aan de kwaliteit van zijn werk. Deadlines of geen deadlines. Ik herinner me nog goed dat hij regelmatig zei: ‘Liever twee goede zinnen op papier dan tweehonderd pagina’s in de prullenbak.’”

“… Kwantiteit versus kwaliteit.”

“Exact, anti of ali.”

“Nou, qua ali zit het wel snor, geloof ik. Maar de anti kan ik niet uit het oog verliezen.”

“Grote kans dat de anti bij jou vanzelf wel op gang komt, als je eenmaal weer op het goede spoor van de ali zit.

Laten we het hopen.

Wanneer is je volgende vakantie?”

“Over één maand gaan we twee weken wandelen in Ierland. Enorm veel zin in, maar ik zie nu alweer op tegen die eerste moeizame opstartweken daarna.”

“Bedenk dan maar dat het noodzakelijke weken zijn. Een soort van schoonmaken of warmdraaien van de schrijfmotor. Misschien moet je tegen die tijd maar heel erg veel boodschappen gaan doen, buitenshuis en binnenshuis. Dan is het daarna puur een kwestie van de boel opschrijven.”

 

Ed Lute

Write a comment

Comments: 0