Over de auteur

 

David de Levita (1926) ontkwam aan deportatie doordat hij toevallig niet thuis was toen op 26 mei 1943 het centrum van Amsterdam voor een razzia werd afgezet. Hij overleefde als enige van zijn familie de tweede wereldoorlog.

 

Na de bevrijding studeerde hij geneeskunde in Amsterdam, werd in 1954 arts en in 1959 zenuwarts. Hij promoveerde in 1965 op een proefschrift ‘The concept of identity’ en werd in 1969 benoemd tot gewoon hoogleraar in de kinderpsychiatrie aan de Medische Faculteit Rotterdam.

 

Ondertussen was De Levita ook psychoanalyticus geworden. Hij had een speciale belangstelling ontwikkeld voor de behandeling van oorlogstrauma’s, hetgeen onder meer resulteerde in twee activiteiten:

  1. Hij vormde in 1991, samen met de onlangs overleden hoogleraar Defares, een team dat naar Bosnië reisde om door de oorlog getraumatiseerde kinderen te behandelen.
  2. Hij behandelde een groep joodse oorlogsslachtoffers in Berlijn die nu, na twintig jaar, nog steeds samenkomt en het karakter van een vervangende familie heeft aangenomen.

 

Van 1990 tot 1996 was De Levita bijzonder hoogleraar transgenerationele oorlogsgevolgen aan de KUN vanwege de Stichting Kunstenaarsverzet.